Het standpunt van Voor U over de gezamenlijke aanval van de Verenigde Staten en Israël op Iran. Lees ons overzicht van onderwerpen door het blok Onderwerpen uit te klappen. Het bestuur van Voor U draagt de verantwoordelijkheid voor de redactie van deze tekst.
1. Standpunt van Voor U
De gewone burger
Voor U staat steeds aan de kant van de gewone burger. Of dit over Iraniërs, Israëlieten, Amerikanen, Oekraïners of gewone mensen van eender welke nationaliteit gaat, het is steeds de gewone burger die het grootste slachtoffer is. Deze burgers hebben dit onheil niet gevraagd maar dragen wel de zware consequenties ervan.
Autoritarisme
Voor U weet dat elke gewone burger op zoek gaat naar een leven vol geluk, zonder zorgen, met vrienden en familie, … maar dikwijls wordt de gewone burger geconfronteerd met autoritaire elites, van religieuze, financiële, economische of politieke aard die zich het recht toe-eigenen om te bepalen hoe het leven van de gewone burger eruit moet zien en welke andere gewone burger zijn vijand is.
Wie staat in de loopgraven ?
Als er dan tussen autoritaire machten een conflict ontstaat, zijn het niet de Trump’s, Poetin’s of Netanyahu’s en hun naaste familie of vrienden die in de loopgraven of geweldzones terechtkomen maar zijn het nogmaals de gewone burgers die aangezet worden om elkaar te vermoorden.
Deze oorlog is illegaal
De VS en Israël hebben deze oorlog begonnen op basis van allerlei drogredenen en dubbele standaarden. Volgens internationaal recht [ VN‑Handvest (Artikel 2(4))] is deze oorlog illegaal. Zelfs volgens de Amerikaanse Grondwet mag Donald Trump deze oorlog niet zonder goedkeuring van het congres voeren. Als landen de essentiële internationale regels en hun eigen Grondwet aan hun laars mogen lappen, komen we terug in de prehistorie waar de macht van de sterkste overheerste. En … kunnen we moeilijk Rusland verwijten wat de VS ook doet.
Destabilisering … economisch, geopolitiek, menselijk
Deze oorlog zal zware destabiliserende gevolgen hebben op héél veel vlakken. Als de straat van Hormuz wordt afgesloten en de handel door het oorlogsgeweld bemoeilijkt wordt zullen we dit allemaal voelen. Deze oorlog kan zeer snel uitdeinen naar de ganse regio en ook het islamitisch extremisme en haat tegenover het Westen aanwakkeren. En daar kunnen onze burgers weer het slachtoffer van worden.
Selectieve verontwaardiging
Als je een beetje objectief wil zijn, kan je er niet naast kijken dat de VS en het Westen een argument van verontwaardiging gebruiken dat wel erg selectief is omdat het economisch en geopolitiek in hun kraam past. Zonder afbreuk te doen aan het lijden van de Iraanse bevolking, zijn er ook in andere landen burgers die leven onder extreem repressieve regimes, worden burgers willekeurig gearresteerd, gemarteld, geëxecuteerd en is er totale politieke onvrijheid. Denken we maar aan Noord-Korea, Xinjiang (Oeigoeren) in China, Afghanistan onder de Taliban, Rusland, Soedan, Syrië en Eritrea. Daar heeft het Westen blijkbaar geen oren naar.
Maar ook frustreert de dubbele nucleaire standaard die wordt gehanteerd wanneer Iran wordt verweten te streven naar een nucleair wapen terwijl Israël deze wapens heeft maar een ambigue standpunt erop nahoudt.
Vraag om duidelijk standpunt
Voor U vraagt daarom aan de Belgische regering om een duidelijk standpunt in te nemen:
- Veroordeling van deze oorlog door de VS en Israël als een illegale actie in strijd met internationale rechtsregels.
- Oproep om onmiddellijk de vijandigheden te staken en terug te keren naar de onderhandelingstafel.
2. Enkele data
1921: Staatsgreep en begin van de Pahlavi‑macht
Reza Khan, bevelhebber van de Perzische Kozakkenbrigade, pleegt een succesvolle staatsgreep in Teheran. Hij bezet de hoofdstad met slechts 1.200 man en stelt een nieuwe regering aan, waarbij hij zelf minister van Oorlog wordt.. De zittende Qajar-sjah (Ahmad Shah) is zwak, afwezig en zonder steun, waardoor Reza Khan snel de feitelijke macht overneemt. Hij versterkt het leger, centraliseert de staat en breekt het traditionele regionale machtssysteem af.
1925: Ontstaan van de Pahlavi‑dynastie
In 1925 wordt Reza Khan formeel uitgeroepen tot Reza Shah Pahlavi. De Qajar-dynastie wordt ontbonden en de Pahlavi‑dynastie ontstaat. Dit markeert het moment waarop Iran een autoritaire, militair gestutte monarchie wordt.
1941: Mohammad Reza Pahlavi wordt sjah
In 1941 wordt Reza Shah door de geallieerden afgezet tijdens WOII. Zijn zoon Mohammad Reza Pahlavi volgt hem op als sjah.
1953: Westerse coup door Pahlavi
De nieuwe sjah zet het autoritaire model van zijn vader voort. In 1953 wordt premier Mohammad Mossadegh afgezet in een door de CIA en MI6 gesteunde coup. Dit herstelt de volledige macht van sjah Mohammad Reza Pahlavi, die sindsdien vaker gezien wordt als een door het Westen gesteunde autocratische heerser. Dit legt de basis voor anti‑Amerikaanse en anti‑westerse sentimenten in Iran.
1963 – 1978: De White Revolution
In 1963 voert de sjah de White Revolution in, een moderniserings- en seculariseringsprogramma dat leidt tot sociale spanningen, religieuze oppositie en toenemende repressie door SAVAK, de geheime politie, inlichtingendienst en veiligheidsdienst van de sjah. Dit creëert het ideologische conflict dat later het fundament vormt voor de Islamitische Republiek.
1978 – 1979: Islamitische Revolutie
- Massale protesten tegen de sjah leiden tot een volksopstand.
- 1 februari 1979: Ayatollah Ruhollah Khomeini keert terug uit ballingschap.
- 11 februari 1979: De sjah valt; de Islamitische Republiek Iran wordt uitgeroepen. En Iran verwerpt de westerse invloed en neemt een anti‑VS, anti‑Israël houding aan.
1979: Amerikaanse politieke sancties
In 1979 legt de VS sancties op na de Amerikaanse gijzelingscrisis (embargo op handel en Iraanse tegoeden).
1980 – 2000: De Islamitische Republiek Iran
Tussen 1980 en 2000 bouwt Iran een revolutionair, anti‑westers geopolitiek blok. Iran ontwikkelt zijn Revolutionaire Garde (IRGC) en Quds Force. Iran begint zijn steun aan Hezbollah, de Houthi’s in Yeamn, Iraakse milities en Palestijnse facties. Iran begint ook de ontwikkeling van een ballistische raketcapaciteit. Daarenboven begint Iran aan de ontwikkeling van een nucleaire programma, dat volgens Iran enkel tot doel heeft nucleaire energie op te wekken maar door vooral westerse en Israëlische bronnen wordt gezien als de ontwikkeling van een nucleaire militaire capaciteit.
1984: VS bestempelen Iran als “state sponsor of terrorism”
In 1984 leggen de VS Iran verdere en bredere economische beperkingen op omwille van de steun van laatstgenoemde aan terroristische organisaties.
2002: Onthulling van nucleaire ambities
Westerse inlichtingendiensten onthullen de geheime verrijkingsinstallatie Natanz.
2003: EU-onderhandelingen met 4 partijen
In juni 2003 starten het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland starten onderhandelingen met Iran om de ontwikkeling van nucleaire wapens tegen te houden in ruil voor het niet-opleggen van sancties. In oktober 2003 suspendeert Iran tijdelijk zijn uraniumverrijking onder internationale druk.
2006: Iran hervat uraniumverrijking
In februari 2006 kondigt Iran aan de verrijking te hervatten. De onderhandelingen storten in. De eerste sancties die expliciet te maken hadden met Iran’s nucleaire ambities dateren van december 2006, toen de VN-Veiligheidsraad een sanctiepakket goedkeurde omdat Iran weigerde zijn uraniumverrijking stop te zetten.
2009: Back-channel-onderhandelingen
In oktober 2009 starten onder VS president Obama geheime diplomatieke back‑channel onderhandelingen in Oman.
2010 – 2021: Cyberaanvallen, sabotage en nucleaire spanningen
In 2010 vallen de VS en Israël met het Stuxnet‑virus een cyberaanval uit op de centrifuges in Natanz, Iran. Deze cyberaanvallen nemen toe tot 2021 met vermoedelijke Israëlische aanvallen op nucleaire installaties.
2015: Het JCPOA-akkoord
Op 14 juli 2015 sluiten Iran en P5+1 (Verenigde Staten, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Rusland, China en Duitsland) het Joint Comprehensive Plan of Action (JCPOA) waardoor Iran zijn uranium verrijking sterk beperkt, de IAEA‑inspecties worden uitgebreid en sancties worden gedeeltelijk opgeheven.
2018: VS trekken zich terug uit JCPOA
Op 8 mei 2018 trekt president Trump de VS eenzijdig terug uit het JCPOA. Hij noemt het “the worst deal ever”. Als resultaat begint Iran gradueel af te wijken van de overeenkomst.
2021: pogingen om JCPOA akkoord te herstellen
Van april 2021 tot 2024 worden, onder president Biden, indirecte gesprekken in Wenen gevoerd met de VS om het akkoord te herstellen. De gesprekken lopen echter vast na 17 maanden zonder akkoord.
2024: Eerste rechtstreekse militaire confrontaties
In 2024 wisselen Israël en Iran twee reeksen aanvallen uit. In april 2024 gebeurt de eerste grote raketuitwisseling ooit tussen beide landen.
Voorjaar 2025: Iran en de nucleaire impasse
De internationale gemeenschap veroordeelt Iran voor het niet naleven van nucleaire afspraken en de diplomatie raakt volledig vast.
13–24 juni 2025: De Twaalfdaagse Oorlog
Op 13 juni 2025 voert Israël grootschalige luchtaanvallen uit op nucleaire en militaire sites (o.a. Natanz) en Iran reageert met raket- en droneaanvallen op Israëlische steden.
22 juni 2025: VS bombarderen Iraanse nucleaire sites
De VS komen Israël ter hulp met het droppen van bunker‑buster bommen (GBU‑57 / GBU‑57A/B Massive Ordnance Penetrator ) in Natanz, Fordow en Isfahan om de ondergrondse nucleaire installaties te treffen.
23 juni 2025: Iran vuurt raketten op US‑bases in Qatar
Op 23 juni 2025 vuurt Iran raketten richting Al-Udeid (Qatar), waar Amerikaanse troepen gestationeerd zijn.
24 juni 2025: Wapenstilstand na 12 dagen oorlog
Op 24 juni 2025 bemiddelt de VS een wapenstilstand. De oorlog kostte honderden levens en maakte een diepe indruk op de regio.
2 juli 2025: Iran sluit IAEA buiten
Iran beëindigt inspectiesamenwerking met de IAEA. Voor het Westen is dit het bewijs dat Iran zijn nucleaire programma dieper wil verbergen.
Februari 2026: Diplomatie mislukt
Nucleaire onderhandelingen in Genève eindigen zonder doorbraak. Daardoor concluderen de VS en Israël concluderen dat Iran zijn nucleaire programma versnelt.
28 februari 2026: Gezamenlijke aanval van Israël en VS
- Grootschalige bombardementen op Teheran en andere Iraanse steden door de VS en Israël, als onderdeel van Operation Epic Fury (VS) en Roaring Lion (Israël). De doelwitten zijn militaire installaties, nucleaire infrastructuur en topfiguren van het regime. Ayatollah Ali Khamenei wordt gedood, samen met naar schatting 50 vooraanstaande leiders van het regime hetgeen een leiderschapscrisis veroorzaakt in Iran.
- Iran reageert met massale vergeldingsaanvallen op doelen in Israël, de Golfstaten en Amerikaanse bases in het Midden-Oosten. Hierdoor wordt het Iraanse luchtruim gesloten en wordt de scheepvaart in de Straat van Hormuz verstoord, internationale crisisvergaderingen worden bij elkaar geroepen bij de VN en IAEA.
2. Is deze oorlog legaal ?
Volgens internationaal recht
Schending van het VN‑Handvest
Het VN‑Handvest (Artikel 2(4)) verbiedt “de dreiging of het gebruik van geweld tegen de territoriale integriteit of politieke onafhankelijkheid van een staat”, behalve in twee gevallen:
- Zelfverdediging na een daadwerkelijke aanval (Artikel 51), of
- Toestemming van de VN‑Veiligheidsraad.
Voor de aanval op Iran geldt dat er géén mandaat was van de Veiligheidsraad en er was geen gewapende aanval door Iran op de VS of Israël voorafgaand aan de aanval.
“De vereisten voor wettige zelfverdediging zijn dus niet vervuld.”
Preventieve of “pre‑emptive” oorlog is in het internationaal recht verboden
De VS en Israël beweren dat de aanval nodig was om “imminente bedreigingen” te neutraliseren. Maar volgens internationale rechtsgeleerden hebben preventieve aanvallen geen juridische basis. De voorwaarden voor pre‑emptive self‑defence (de Caroline‑doctrine) vereisen een bedreiging die “instant, overwhelming, leaving no choice of means” is en experts benadrukken dat dit niet het geval was voor Iran op 28 februari 2026. Een preventieve aanval, ook al wordt die “zelfverdediging” genoemd, blijft illegaal volgens het VN‑Handvest.
Regime change als doel is expliciet illegaal
President Trump verklaarde dat de operatie bedoeld was om “het Iraanse regime omver te werpen” en “de condities te creëren voor het Iraanse volk om zijn regering te vervangen.” Volgens internationaal recht is regime change door geweld een directe schending van het non‑interventiebeginsel, soevereiniteit van staten en Artikel 2(4) van het VN‑Handvest (verbod op geweld tegen politieke onafhankelijkheid).
Volgens de Amerikaanse Grondwet
Op basis van de beschikbare analyses en rapporten is deze actie onder bevel van de Amerikaanse president illegaal omdat de aanval niet voldoet aan de constitutionele vereisten voor het gebruik van militair geweld door een Amerikaanse president.
Oorlogsmacht ligt bij het Congres
De Amerikaanse Grondwet (Artikel I, Sectie 8) bepaalt dat alleen het Congres de bevoegdheid heeft om oorlog te verklaren. In dit geval voerden VS op 28 februari 2026 samen met Israël grootschalige aanvallen uit op Iran. Er is echter geen aparte toestemming van het Congres is gegeven voor deze nieuwe oorlogshandeling. Dit betekent dat de president militair geweld gebruikte zonder constitutioneel vereiste voorafgaande toestemming.
War Powers Resolution
De War Powers Resolution vereist een onmiddellijke rapportering aan het Congres, een limitatie tot 60 dagen zonder goedkeuring én dat de president alleen mag handelen bij “nationale noodsituaties veroorzaakt door een aanval op de VS”. Het ging in dit geval om een gecoördineerde offensieve aanval met Israël, niet om een directe reactie op een aanval op Amerika. De grondwettelijke macht van de president laat alleen defensieve acties zonder Congres toe. Dit wil zeggen dat vermits de VS niet werden aangevallen, er ook geen grondwettelijke basis is voor deze oorlog.
3. Wie heeft voordeel bij deze oorlog?
Israëlische regime
Wat zijn de argumenten van het Israëlische bewind voor deze oorlog?
Iran vormt volgens Israël een existentiële bedreiging
Premier Benjamin Netanyahu beschouwt het Iraanse regime als een rechtstreeks en levensbedreigend gevaar voor Israël. Hij verklaarde dat het doel van de operatie is “de existentiële dreiging van het terroristische regime in Iran te verwijderen.” Deze bedreiging verwijst vooral naar Irans nucleaire programma (mogelijk kernwapens), Irans steun aan gewapende groepen zoals Hezbollah en Irans ballistische raketcapaciteit.
Irans nucleaire programma uitschakelen
Israël ziet de ontwikkeling van een nucleair gedekte tegenstander als onaanvaardbaar. President Trump stelde expliciet dat Iran “nooit een kernwapen mag hebben”; Israël deelt volledig die lijn. Israëlische aanvallen waren in eerdere escalaties gericht op nucleaire faciliteiten en wetenschappers, en dit patroon zet zich voort in 2026. Het vertragen of vernietigen van Iran’s nucleaire infrastructuur versterkt Israël’s veiligheidspositie én behoudt zijn regionale militaire overwicht.
Verzwakken of uitschakelen van Irans militair leiderschap
Israël heeft tijdens de aanval van februari 2026 topfiguren van het Iraanse regime geviseerd. De Israëlische aanval was gericht op het uitschakelen van de Opperste Leider Khamenei en “top Iranian security officials”. Het elimineren van sleutelfunctionarissen desorganiseert Irans militaire en politieke sturing en vermindert de slagkracht van de IRGC.
Irans raketprogramma neutraliseren
Israëlische militaire bronnen benadrukten dat hun rol zich focuste op het uitschakelen van Irans raketcapaciteiten. Door het raketarsenaal te reduceren wordt het risico op massale vergeldingsaanvallen kleiner, zowel voor Israël als zijn regionale bondgenoten.
Versterken van regionale invloed
Door Iran militair terug te dringen, behoudt Israël zijn positie als belangrijkste militaire macht in de regio. Het vermindert Irans mogelijkheden om via proxies het Midden-Oosten te beïnvloeden (Hezbollah, Syrië, Irak, Jemen).
Mogelijkheid tot interne regimeverandering in Iran
Israël heeft, samen met de VS, expliciet opgeroepen tot regime change. Netanyahu zei dat de gezamenlijke operatie “de voorwaarden creëert zodat het dappere Iraanse volk zijn lot opnieuw in handen kan nemen.” Een verzwakt of gewijzigd Iraans regime zou minder vijandig kunnen staan tegenover Israël, de regionale proxy-netwerken verliezen en de nucleaire ambities temperen.
Verenigde Staten
Wat zijn de argumenten van het Israëlische bewind voor deze oorlog?
Irans nucleaire programma uitschakelen (kernreden volgens Trump)
President Trump verklaarde expliciet dat de doelstelling is “Iran kan nooit een kernwapen hebben” en dat Iran een “imminente dreiging” vormt voor de Amerikaanse bevolking. De VS beschouwen Iran’s nucleaire ambities als een directe veiligheidsdreiging. Dit vormt het officiële motief achter de lancering van “major combat operations” in Iran. Het voordeel dat de VS uit deze oorlog willen halen is de versterking van de Amerikaanse nationale veiligheid door het verhinderen dat Iran een nucleaire macht wordt.
Elimineren van Irans militaire capaciteiten (raketten, kernfaciliteiten, IRGC)
Volgens het Pentagon en de VS‑regering is een bijkomend doel om Irans raketprogramma te vernietigen, Irans kerninfrastructuur volledig te degraderen en Irans militaire leiderschap onschadelijk te maken. Dit zou leiden tot een vermindering van Irans vermogen om Amerikaanse troepen en bondgenoten in de regio (Israël, Golfstaten) aan te vallen.
Regime change als strategisch voordeel
Zowel Trump als Netanyahu riepen expliciet op tot regime change in Teheran. Trump gaf in een boodschap aan “het grote, trotse volk van Iran” aan dat “The hour of your freedom is at hand… take over your government.” De aanval viseerde ook Khamenei en andere topfiguren, met als doel het Iraanse leiderschap te ondermijnen. Zo hoopt de VS de creatie van een potentieel nieuw Iraans regime dat minder vijandig staat tegenover de VS, minder regionale milities steunt en bereid is tot nieuwe onderhandelingen die gunstiger zijn voor Washington.
Herbevestiging van Amerikaanse dominantie in het Midden-Oosten
Met de grootste militaire opbouw in decennia wil de VS tonen dat het nog steeds de regionale supermacht is en het bereid is militair op te treden waar diplomatie faalt. Dit zou een signaal kunnen zijn aan Rusland, China én regionale spelers dat de VS haar invloedssfeer niet opgeeft.
Bescherming van Amerikaanse troepen, bases en bondgenoten
Iran viel militaire infrastructuur in de regio aan, alsook plaatsen waar VS‑troepen aanwezig zijn. Na recente Iraanse raketaanvallen op gebieden met Amerikaanse bases (Bahrain, UAE, Qatar, Kuweit), wil Washington de dreiging proactief neutraliseren. Zo hoopt de VS een vermindering van risico’s voor duizenden VS‑militairen gestationeerd in de Golfregio.
Falende diplomatie omzetten in strategische druk
De aanval kwam twee dagen na mislukte nucleaire gesprekken in Genève tussen de VS en Iran. Na de derde mislukte onderhandelingsronde koos Washington voor militaire druk. Zo hopen de VS betere onderhandelingsposities afdwingen na militaire verzwakking van Iran.
Interne politieke winst voor het Amerikaanse bewind
Trump voerde in zijn verkiezingscampagne retoriek gericht op hard optreden tegen Iran en nu wil hij aantonen dat zijn “maximum pressure”-strategie wél resultaten oplevert. Zo hoopt hij binnenlandse politieke steun te krijgen van kiezers die naar een sterke buitenlandse politiek verlangen.
Economische en strategische controle over energieroutes
Iran bedreigde de Straat van Hormuz, waar een vijfde van de wereldolie door gaat. De VS zien Irans dreigingen tegen internationale scheepvaart als een strategisch risico. De VS hopen op deze wijze het behoud van vrije wereldhandel en stabiliteit van energieprijzen te verzekeren die cruciaal is voor de Amerikaanse economie.
De Europese Unie
Hoewel de EU geen oorlog wil en zich zorgen maakt over escalatie, levert de situatie indirect een aantal geopolitieke voordelen op.
Versterking van de trans-Atlantische band met de VS
Door de oorlog komt Europa dichter bij Washington te staan, omdat lidstaten zich strategisch meer richten op trans-Atlantische veiligheid. Analisten benadrukken dat Europa, door de oorlog in Oekraïne én Irans steun aan Rusland, meer afhankelijk wordt van Amerikaanse veiligheidsgaranties en daar ook bewuster op inzet. EU‑lidstaten behouden hierdoor stevige VS‑steun in hun belangrijkste veiligheidsdossiers (Oekraïne, NAVO‑afschrikking).
Mogelijkheid om Irans destabiliserende activiteiten sterker aan te pakken
De EU heeft jarenlang aangedrongen op beperkingen van Iran’
s ballistische raketprogramma, nucleaire ambities en steun aan milities in de regio. De oorlog creëert internationale druk op Iran. Het conflict verzwakt Iran’s capaciteit om Europa direct of indirect te bedreigen (via milities, drones, cyberaanvallen).
Meer ruimte voor een “geopolitieke EU”
2026 wordt door Europese analisten gezien als een kantelpunt waarin de EU sterker beseft dat het geopolitiek moet optreden. De crisis dwingt de EU om haar “geopolitieke reflexen” te versterken en gezamenlijk op te treden. Daardoor kan de EU zich profileren als diplomatieke macht en eigen veiligheidsprioriteiten herijken.
Mogelijkheid om internationale diplomatie te leiden
De EU benadrukt dat ze een rol wil spelen in de-escalatie, diplomatie en het voorkomen van verdere conflicten. Het versterkt Europa’s imago als bemiddelaar en stabiliserende kracht in internationale crises.
De Iraanse diaspora in Europa
De Iraanse diaspora in Europa is zeer divers en bestaat niet voornamelijk uit vroegere medestanders van de sjah of monarchisten.
De Iraanse oppositie in ballingschap is sterk verdeeld
De diaspora is opgesplitst in twee grote historische facties:
- monarchisten (Pahlavi-aanhangers) en
- de linkse/islamistische oppositie MEK (Mujahedin-e Khalq).
Beide groepen hebben meer steun onder emigranten dan binnen Iran zelf.
Er is volgens analisten en diplomaten al decennialang wantrouwen tegenover deze beide kampen. Veel Iraniërs in Europa behoren tot:
- seculiere democraten,
- nationalistische maar niet-monarchistische groepen,
- etnische minderheden (Koerden, Baluchi, Azeri),
- feministische en burgerrechtenbewegingen,
- studenten, academici, en post‑2022 vluchtelingen (na Mahsa Amini-protesten).
Politieke mobilisatie en internationale druk
Een onderzoeksrapport over de grootste gecoördineerde Iraanse diaspora‑protesten in 2026 toont dat de Iraanse diaspora meer dan 1 miljoen demonstranten mobiliseerde wereldwijd. Deze actie werd gecoördineerd door Reza Pahlavi, maar uitgevoerd door een breed netwerk van diaspora‑groepen. Hierdoor kunnen ze het Westen overtuigen om Iran internationaal te isoleren, sancties te steunen of diplomatieke actie te ondernemen.
Toenemende zichtbaarheid van monarchisten, maar geen exclusieve invloed
Reza Pahlavi’s zichtbaarheid is de laatste jaren sterk toegenomen, vooral na de oorlog tussen Israël en Iran. Maar zelfs zijn achterban is sterk verdeeld en hanteert soms agressieve methodes die andere diaspora‑groepen afstoten. Monarchisten zijn luid en zichtbaar, maar niet universeel aanvaard. Hun invloed ligt vooral in media‑aandacht en lobbywerk, niet in representativiteit.
Historische oppositie, maar geen eenduidige richting
Uit diaspora-analyses blijkt dat geen enkel oppositiekamp (monarchisten of MEK) breed gedragen steun heeft onder de diaspora of binnen Iran.
De diaspora wordt omschreven als politiek gefragmenteerd, met soms hevige onderlinge conflicten. De diaspora speelt een cruciale rol in het levendig houden van oppositie, maar slaagt er niet in een gemeenschappelijke strategie te vormen.
Strategische rol richting een mogelijk post‑islamitisch regime
Pahlavi ontvangt duizenden contacten van defectors en officials binnen Iran (minstens 50.000). De diaspora ziet zichzelf als mogelijke brug tussen een val van het regime en een toekomstig seculier bestel. Indien het regime valt, zou de diaspora, inclusief monarchisten, een kernrol kunnen spelen in diplomatie, transitie en bestuur.
4. Wie zijn de slachtoffers van deze oorlog?
Iraanse burgers
Volgens de Iraanse Rode Halvemaan en staatsmedia waren er op 1 maart 2026 minstens 201 doden en 747 gewonden. In Iran trof de oorlog woonwijken, scholen, ziekenhuizen, nutsvoorzieningen, en communicatie-infrastructuur.
Sinds de protesten van 2025–2026 heeft het Iraanse regime zelf al duizenden demonstranten gedood (tussen 7.007 en 36.500 burgers volgens onafhankelijke rapportages).
De Iraanse bevolking is dus dubbel slachtoffer van het eigen regime en van buitenlandse militaire aanvallen.
Israëlische burgers
Tijdens de 12‑daagse oorlog in 2025 en opnieuw tijdens de vergeldingsaanvallen van 2026 vuurde Iran 550 ballistische raketten en 1.000 drones af op Israëlische steden. De Iraanse aanvallen op Israël in 2025 doodden 28 mensen, voornamelijk burgers, en verwondden meer dan 3.000. Meer dan 9.000 Israëli’s moesten hun huizen verlaten na schade door raketinslagen. Ook in Israël zijn het vooral gewone families die de prijs betalen.
Burgers in derde landen
Hoewel veel raketten werden onderschept gericht op Bahrain, Irak, Jordanië, Koeweit, Oman, Qatar, Saudi‑Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten, zorgden ze voor doden en gewonden, paniek, schade aan burgerdoelen en verstoring van het dagelijks leven. Ook hier zijn burgers onvrijwillige pionnen in een conflict dat ze niet kiezen.
5. Wat zijn de risico’s van deze oorlog?
Internationaal
Maritieme handel en logistiek
Voor de werledhandel is “preservation of maritime security en freedom of navigation” cruciaal. Verstoring van zeeverkeer betekent hogere transportkosten, leveringsproblemen en geopolitieke onzekerheid.
Risico’s op escalatie
Uit alle hoeken wordt gewaarschuwd dat de gebeurtenissen “niet mogen leiden tot een escalatie” die de regio, Europa en de rest van de wereld in gevaar brengt. Een direct conflict tussen Iran en NAVO‑lidstaten is een ernstige strategische nachtmerrie.
Frustratie over dubbele nucleaire standaarden
Er bestaat heel veel frustratie over de hantering van dubbele standaarden, voornamelijk door het Westen.
Israël is één van de negen kernwapenstaten, met naar schatting circa 90 kernkoppen en genoeg plutonium voor honderden meer. Israël heeft het Non‑Proliferatieverdrag (NPT) niet ondertekend, waardoor het geen inspecties van het IAEA toelaat, en het ook geen verplichtingen heeft om zijn programma transparant te maken. Israël hanteert een politiek van “nucleaire ambiguïteit”: nooit bevestigen, nooit ontkennen. Ondertussen wordt Israël politiek beschermd door de VS en een deel van Europa. Dit creëert een beeld dat “bondgenoten straffeloos mogen doen wat tegenstanders verboden wordt“.
Iran daarentegen is sinds 1970 NPT‑lid als niet‑kernwapenstaat en moet dus inspecties toelaten en verrijking beperken. Ondanks deze formele naleving heeft Iran systematische sancties gekregen, militaire aanvallen ondergaan en internationale druk ervaren die vaak strenger is dan die tegen Israël.
Zelfs wanneer VS‑inlichtingendiensten bevestigen dat Iran geen kernwapen ontwikkelt, blijft de focus op Iran als “de dreiging”, terwijl Israël’s wapens geen rol spelen in het debat.
Aanzwengelen van Islamitisch extremisten tegen het Westen
Wanneer de VS en Israël Iran aanvallen, ontstaat er een beeld dat moslimlanden collectief geviseerd worden door westerse militaire macht. Extremistische groepen gebruiken precies dit soort gebeurtenissen om rekruten te overtuigen dat de strijd “defensief” is. De Amerikaanse–Israëlische aanvallen worden gepresenteerd als poging om “het regime in Teheran omver te werpen”, en omvatten zware bombardementen op militaire én civiele infrastructuur. Iran reageerde met oproepen tot wraak tegen de VS en Israël, waarbij het conflict werd voorgesteld als een existentiële strijd. Extremisten kunnen dit framen als bewijs dat het Westen opnieuw een moslimland probeert te domineren of vernietigen.
Vermits de gezamenlijke Amerikaanse–Israëlische offensieven honderden burgerdoden hebben veroorzaakt in Iran worden zwaar getroffen steden zoals Teheran, Isfahan en Kermanshah in Iraanse media voorgesteld als slachtoffers van imperiale agressie. Hoe meer burgerslachtoffers er vallen, hoe groter de voedingsbodem wordt voor radicalisering, zowel in Iran als in de bredere moslimwereld.
Naast Iran zelf hebben ook gelieerde gewapende groepen (“Axis of Resistance”) historisch gereageerd op aanvallen tegen Iran. Een grootschalige oorlog vergroot hun motivatie om ook het Westen aan te vallen. Iran kondigde wraak aan tegen de VS en zijn bondgenoten na de dood van Ayatollah Ali Khamenei. Zulke gebeurtenissen versterken het idee dat militante actie legitiem is omdat het Westen “al een oorlog voert”.
Sommige extremistische groepen, vooral soennitische radicalen zoals Al‑Qaeda‑splinters, haten het Iraanse sjiitische regime, maar ze haten het Westen nog méér. Wanneer de VS en Israël Iran aanvallen, voelen ook deze groepen zich gedwongen om het “islamitische kamp” te verdedigen en hun eigen aanhang te bewijzen dat zij de echte verdedigers zijn van de wereldwijde gemeenschap van moslims. Zelfs vijanden van Iran kunnen door deze oorlog radicaliseren tegen het Westen.
Europese Unie
Groot risico op economische schade, vooral door energiemarkten
De EU waarschuwt dat de gebeurtenissen “onvoorspelbare gevolgen in de economische sfeer” kunnen hebben. Vooral door risico op verstoring van cruciale zeeverbindingen zoals de Straat van Hormuz. Hierdoor kunnen de olieprijzen zeer hoog worden, energietoevoer verstoort worden, inflatie plots naar omhoog schieten, … hetgeen allemaal zeer gevoelig is voor de Europese economie.
Dreiging voor Europese veiligheid en regionale stabiliteit
De EU spreekt van “een bedreiging voor Europa en daarbuiten” indien de oorlog ontspoort. Iran heeft eerder al raketten afgevuurd op landen waar ook Europese belangen aanwezig zijn. Europese militaire en burgerlijke infrastructuur in Midden-Oosten kan daardoor in gevaar komen.
Toename migratie- en vluchtelingenstromen
Hoewel niet expliciet vermeld in de bronnen, volgt uit de EU-zorgen over regionale destabilisatie dat een langdurige oorlog in Iran of omgeving grote vluchtelingenstromen naar Europa kan creëren.
Europa’s diplomatieke positie verzwakt
Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk hebben in 2025 al de snapback-sancties geactiveerd en opereren steeds dichter bij de VS‑lijn, waardoor Europa minder autonoom wordt in zijn Iran‑beleid. Hierdoor krijgt de EU minder politieke manoeuvreerruimte, verlies van vertrouwen bij regionale spelers en verminderde internationale invloed.